TEKST: SAKE SLOOTWEG

Mijn Oma in Rotterdam was een kleine, statige vrouw die een goede aanbieding in de supermarkt op kilometers afstand aan zag komen. Ze had er eer in tegen een scherpe prijs, altijd precies op voorraad te hebben wat jij lekker vond. In de kast stonden de producten naar familielid gerangschikt, rustig te wachten tot je weer kwam. 

Goed en lekker eten speelde een vanzelfsprekende rol in haar leven. Met kerst werden alle beschikbare bedden opgemaakt, uitgeklapt en bijgezet. Het hele huis kwam vol met kinderen en hun gezinnen. Zonder enige traditionele kerststress, zette ze vier dagen lang uitgebreide diners op tafel: Hollandse garnalen met zelfgemaakte whiskeysaus, groentesoep, 
varkenshaas en chocoladepudding met slagroom toe. 

Het hoogtepunt in deze kersttraditie was het saucijzenbroodje na de nachtmis op kerstavond. Een gebruik uit haar ouderlijk huis in Limburg dat ze met zorg in stand hield. Ze bakte ze ook voor een wijdvertakt netwerk van familie en relaties en praktisch als ze was, zo heb ik me laten vertellen, waren er ook jaren dat ze de zakjes met broodjes gewoon met de post rondstuurde. 

De familie werd ouder en Oma ook. Ze verhuisde naar een zorgflat. Maar ook daar paste net een kampeerbedje en tot haar laatste gezonde jaar zocht ik haar met kerst altijd op. Zelfs toen ze eigenlijk niet meer kon zien maakten haar handen, zonder ogen, grote hoeveelheden broodjes. 

In aanloop naar kerst denk ik altijd aan Oma en ik kan dan niet anders dan saucijzenbroodjes bakken. Ik stop ze in de vriezer voor als er bezoek komt. Dit jaar verwacht ik vegetarisch bezoek dus maak ik bladerdeegbroodjes gevuld met champignon-ragout. De ingrediënten zijn voor 10 broodjes.

Voor de ragout

15 g gedroogd eekhoorntjesbrood
35 g roomboter
1 ui, fijngehakt
2 knoflooktenen, fijngehakt
400 g witte champignons, in dikke plakjes
1 laurierblad
1 takje tijm
1 eetl. bloem (25 g)
100 ml slagroom
1 eetl. oestersaus
snufje cayennepeper
eventueel wat zout
2 eierdooiers, geklutst




Voor de broodjes

10 plakjes bladerdeeg - 
1 ei, losgeklopt
Week het eekhoorntjesbrood (dit ligt meestal bij de Italiaanse producten in de supermarkt) in 225-250 ml warm water. Smelt de boter in een pan en bak de ui en de knoflook op laag vuur zacht. Doe de champignons, laurier en tijm erbij en bestrooi royaal met zout. Bak 10 minuten op matig vuur tot de champignons niet meer slinken en al het vocht is verdampt. Knijp het water uit het eekhoorntjesbrood maar gooi dit niet weg. Doe het eekhoorntjesbrood bij de andere champignons en vis de laurier en de tijm eruit. Roer de bloem door de champignons. Zet het vuur laag, voeg het eekhoorntjesbroodwater (200 ml) toe en laat de ragout al roerend indikken. Proef of de saus niet meer melig smaakt. Roer de slagroom erdoorheen en laat nog enkele minuten heel zachtjes pruttelen. Breng op smaak met oestersaus en cayennepeper. Zet het vuur uit en roer de dooiers erdoorheen. Laat de saus helemaal afkoelen. Ontdooi de plakjes bladerdeeg. Schep een eetlepel ragout op één helft en vouw het plakje dicht. Druk alle randen aan met een vork. Leg de gevulde broodjes nog een uurtje in de koelkast. Verwarm de oven op 220 graden (boven- en onderwarmte). Leg de broodjes op bakpapier op een bakplaat. Bestrijk met losgeklopt ei en bak tien tot vijftien minuten tot het bladerdeeg mooi goudbruin is. ⋅
deel dit artikel: